| Leverbot
infecties bij schapen |
| |
Leverbot infecties kunnen bij schapen van alle leeftijden veel problemen veroorzaken, en net als bij andere wormen worden dieren geïnfecteerd tijdens het grazen |
| |
Voor Leverbotprognose 2009/2010 klik hier! |
| |
De
leverbot heeft een gecompliceerde indirecte levenscyclus. Een zoetwaterslakje
is noodzakelijk als
tussengastheer. Omdat deze slakjes alleen onder vochtige omstandigheden
overleven, zien we dat leverbot infecties beperkt blijven tot schapen
die hebben gegraasd op natte, vochtige weides. Op hoge zandgronden of weides
die goed zijn afgewaterd komt leverbot van nature niet voor. Daarentegen ligt een leverbotinfectie altijd
op de loer in bijvoorbeeld
de westelijk weidegebieden. Let op: ook één natte hoek of slootkant met water
kan een bron voor leverbot infecties zijn. |
| |
Levenscyclus |
| |
De
volwassen leverbot leeft in de galgangen van de lever en produceert karakteristiek
eitjes (zie foto hieronder) die met de mest worden uitgescheiden. Afhankelijk
van de omgevingstemperatuur en de aanwezigheid van water, ontwikkelt
zich binnen 3 weken een larfje die in het water rond zwemt en actief op
zoek gaat naar de tussengastheer; een zoetwaterslakje. Het larfje dringt
de slak binnen en gaat zich in het slakje vermenigvuldigen, en ontwikkelt
zich verder tot een volgend stadium, de zogenaamde cercariae. Deze cercariae kruipen uit de slak en zijn dan besmettelijk voor het schaap, we noemen ze dan metacercariën. De metacercariën kunnen verschillende
maanden infectieus blijven. Na opname door het schaap doorboren de jonge larfjes de darmwand
en kruipen naar de lever waar ze dan enkele weken rondkruipen alvorens
in de galgangen te belanden. Leverbotjes kunnen tot 10 jaar overleven
bij het schaap. De volledige cyclus duurt minimaal 4 - 5 maanden.
|
| |
| Symptomen |
| |
Infectie
kan zich op verschillende manieren manifesteren. Bij een ernstige acute
infectie kan sterfte optreden terwijl bij chronische besmettingen conditieverlies
en bloedarmoede het meest in het oog springen. Omdat de ontwikkeling
van larfje tot volwassen eitjes leggende leverbot in het schaap 12 weken
duurt zullen bij acute infecties in de late herfst of vroege winter geen
eitjes in de mest worden gevonden. De schapen zijn nu ziek van de zich
ontwikkeldende leverbotjes die rondkruipen in de lever. Bij chronische
infecties die vooral optreden tijdens de late winter en het vroege voorjaar
worden wel leverbot eitjes in de mest gevonden. |
| |
Onderzoek |
Wellicht overbodig om te vermelden, maar bij
een acute sterfte onder uw dieren, en het vermoeden van leverbot adviseert VPL 'Het Woud' om direct contact op te nemen met uw eigen dierenarts.
Een mestonderzoek neemt teveel tijd in beslag nemen, en daarbij zijn de leverbotjes
in de lever nog zo jong dat deze nog geen eitjes leggen en mestonderzoek geen waarde heeft.
Als
uw schapen heeft die in de late winter, vroege voorjaar (sterk) vermageren
dan kunt u chronische leverbot infecties uitsluiten door een mestonderzoek
van de aangetaste koppel. Voor monstername zie onder verzamelen
van mestmonsters. Omdat voor dit onderzoek een andere laboratorium techniek wordt gebruikt moet u expliciet vermelden dat onderzoek naar
leverbot gewenst is. Aan de hand van uitslag kunt u dan een behandeling
in stellen en preventieve maatregelen nemen voor het volgende seizoen. |
| |
| Behandeling |
In
Nederland staant twee middelen ter beschikking om leverbot te
bestrijden; triclabendazole en closantel. Bij acute leverbot infectie heeft triclabendazole de voorkeur. Indien wormresistentie is aangetoond tegen
triclabendazole, kan het product met closantel worden gebruikt.
|
| |
| |